Franciscus Thomas van der Sommen (1875 - 1932)
1. Geboren
Franciscus Thomas (Cis) van der Sommen
werd geboren in Eindhoven op 8 mei 1875 als zoon van Carolus van der
Sommen, borstelfabrikant te Eindhoven en Maria Agnes Smits.
Zijn ouders waren toen al negen jaar
getrouwd en hadden toen al drie dochters:
Wilhelmina Jacoba, Elisabeth Francisca
en Huberdina Catharina.
De geboorteakte luidt als volgt:
In het jaar een duizend achthonderd
vijf en zeventig, den tienden Mei is voor ons Ambtenaar van den
burgerlijken stand der gemeente Eindhoven, in het huis der gemeente,
verschenen: Carolus van der Sommen, oud veertig jaren borstelmaker
wonende te Eindhoven, die in tegenwoordigheid van twee getuigen als
van Willem Dings, oud drie en zestig jaren tuinman en van Jan Feyen
oud veertig jaren koperslager beide wonende binnen deze gemeente, ons
heeft verklaard dat Maria Agnes Smits, oud zes en dertig jaren zonder
beroep, wonende te Eindhoven, alhier is bevallen van een kind van het
mannelijk geslacht, geboren op den achtsten dezes om half tien ure
des avonds welk kind zal genaamd worden Franciscus Thomas.
van welke verklaring wij de
tegenwoordige akte hebben opgemaakt, die, na de voorlezing is
ondertekend door ons, de comparant en de getuigen.
Tien jaar bij oom Thomas
Volgens Ireen van Engelen werd Franciscus Thomas van 1880 tot 1890 als pleegkind bij oom Thomas van der Sommen ondergebracht, de oprichter van borstelfabriek van der Sommen op de Demer in Eindhoven.
Bij de volkstelling van 1890 was hij ingeschreven op het adres van zijn ouders: De snoepwinkel op de Markt.
In oktober het jaar daarop, 1891, stierf zijn vader Carolus op 56 jarige leeftijd.
25 augustus 1895 brak er brand uit in het pand van zijn moeder:
Het volgende bericht verscheen in de Zuid-Willemsvaart:
EINDHOVEN. 25-08-1895
omstreeks 6 uur brak alhier een felle brand uit ten huize van de wed. van
der Sommen, in suikerwerken. Spoedig werd ook het belendende pak-
huis, waarin koloniale waren werden geborgen, van den heer Vlijminx,
aangetast. Bedoeld pakhuis is evenals het eerst aangetaste perceel totaal
uitgebrand. Door het flink optreden der brandweer zijn de belendende
huizen gespaard gebleven. Oorzaak onbekend.
Woensdag-middag ontstond te Eindhoven brand in de bergplaats van de Weduwe
Van der Sommen , zoodat bijna alles wat daarin geborgen was een prooi der vlammen werd.
Door het krachtig optreden van de brandweer mocht men er in slagen, het aangrenzende pakhuis van den heer Vlijminx dat reeds vuur gevat had te be-
houden. Oorzaak onbekend. Alles was verzekerd.
Militaire Dienst
27 juni 1895, toen hij twintig was,
tekende Franciscus vrijwillig een zesjarig contract om als soldaat
te dienen. Zijn bewijs van ontslag omschrijft hem als 1,67 m lang,
aangezicht ovaal, voorhoofd gewoon, oogen blauw, neus gewoon, mond
klein, kin rond, haar blond, wenkbrauwen idem, merkbare tekenen:
wonden linker onderarm.
Hij diende bij het 4e bataljon 2e
Regiment Infanterie.
Staat van Dienst: Den 27 Juni 1895
vrijwillige geëngageerd als Soldaat voor zes jaren met f 60,-
premie, Is ingeschreven voor de militie in 1894 voor de lichting van
1895 voor de gemeente Eindhoven/ Noord braband /onderd: 10.
Elevenmuzikant mei 1897, Soldaat den 24 Augustus 1899.
Den 26 juni 1901 met paspoort wegens
dienstbeëindiging. Het bewijs goed gedrag afgegeven.
Te 's-Hertogenbosch den 26 Juni 1901.
De Majoor.
Eleven muzikant bij het 4e bataljon 2e Regiment Infanterie
Ik vroeg me af wat bovenstaande rang eigenlijk inhield en kreeg via google de volgende uitleg:
Een
"élève-muzikant" in het 4e bataljon, 2e regiment
infanterie rond 1900 was een jonge militair in opleiding
tot muzikant,
die deel uitmaakte van de regimentskapel of het tamboerkorps. Het was
een functie waarin militaire dienst werd gecombineerd met een
muziekopleiding.
Taken
en rol
De
voornaamste taken en rol van uw grootvader hielden in:
Opleiding: Hij
volgde een formele muziekopleiding binnen het leger om een bekwaam
militair muzikant te worden. Dit omvatte waarschijnlijk zowel
theorie- als praktijklessen op een specifiek instrument.
Muzikale
prestaties: Als
onderdeel van het muziekkorps van het regiment verzorgde hij muziek
tijdens militaire ceremonies, parades, marsen en andere officiële
gelegenheden. Militaire muziek speelde een belangrijke rol bij het
moreel van de troepen en de uitstraling van de krijgsmacht.
Openbare
concerten: Naast
militaire taken gaven de muziekkorpsen ook regelmatig openbare
concerten voor de burgerbevolking, wat bijdroeg aan de band tussen
het leger en de maatschappij.
Militaire
rang: Hoewel
de focus op muziek lag, had hij de status van militair en viel hij
onder de militaire discipline en hiërarchie. De rang van
élève-muzikant was waarschijnlijk vergelijkbaar met die van een
soldaat of korporaal, maar dan met een specifieke muzikale
specialisatie.
Dagelijkse
dienst: Tussen
de muzikale verplichtingen door nam hij waarschijnlijk ook deel aan
algemene militaire taken en oefeningen die van een soldaat werden
verwacht.
Kortom,
uw grootvader was een leerling-muzikant die een essentiële, zij het
gespecialiseerde, rol speelde in het militaire leven en de
ceremoniële aspecten van zijn regiment..
Daarna vroeg ik me af of er meer bekend was van deze muziekkapel van het 2e regiment. Google kwam met dit antwoord:
Het
Muziekkorps van het 2e Regiment Infanterie (2RI) was een bekende
militaire kapel in Nederland rond 1900, opgericht door
Luitenant-Kolonel M. Rutgers van der Loeff en bestond uit soldaten
die al muzikaal waren, en werd geleid door kapelmeesters
zoals Christian Hörmann (1892-1906). Deze eenheid speelde een
belangrijke rol in het garnizoensleven en was onderdeel van de
traditie van regimentsmuziek, maar werd in 1906 opgeheven.
Werk
Van wat Franciscus Thomas in het
dagelijks leven uitvoerde is weinig bekend.
Uit de gegevens van de volkstelling van
1921 blijkt zijn beroep: Kraambouwer en Winkelier.
Mijn vader heeft me weleens verteld dat
hij ook muzikant was en meespeelde bij harmonie Phileuthonia. Maar
welk instrument hij bespeelde weet ik niet.
Eerste Huwelijk
Franciscus Thomas trouwde op 24
augustus 1905 op dertig jarige leeftijd in Eindhoven met Theresia van
den Boomen.
Getuigen bij de huwelijkssluiting
waren:
Petrus Adrianus Roos, oud zes en dertig
jaren koopman wonende te Eindhoven zwager van de echtgenoot,
Johannes Theodorus de Kok oud vijf en
twintig jaren kleermaker wonende te Woensel zwager van de echtgenoot
(getrouwd met zus Catharina Arnolda)
Johannes Cornelis Dingen oud drie en
dertig jaren wonende te Woensel zwager van de echtgenoot (getrouwd
met zus Elisabeth Francisca) en
Hendrikus van der Beek oud drie en
dertig jaren agent van politie wonende te Eindhoven.
Theresia was toen zeven en dertig jaar
oud, en bijna twee jaar weduwe van de op 2 juli 1903 overleden
Gerardus Rovers. Gerard was toen slechts vijf en dertig jaar oud, en
liet Theresia achter met vier kleine kinderen.
Zo heeft de vrijgezelle Cis van der
Sommen vanaf zijn de trouwdag ineens een gezin met vrouw en vier
kinderen. Maria 9 jaar, Elisabeth 7 jaar, Christina 4 jaar en
Arnoldus 3 jaar.
Ze kregen samen nog twee kinderen,
Philomena Maria en Philomena Huberdina, waarvan Philomena Maria iets
meer dan een jaar werd, en Philomena Huberdina slechts 8 maanden
leefde.
Trees sterft op 26 maart 1920 en Cis
blijft achter met de vier stiefkinderen.
Bij de volkstelling van 1921 bestaat
het gezin dat op adres Groote berg 49 woont, behalve uit vader
Franciscus Thomas, te bestaan uit Maria Dimphina 27 jaar
fabrieksarbeidster, Elisabeth Dimphina 23 jaar dienstbode (Later
verhuisd naar Julianastraat 16 en nog later naar Hoefkesstraat 40 in
Eindhoven), Christina Henrica 20 jaarfabrieksarbeidster Philips
Proeffabriek (verhuisd naar Bosboomstraat 11, later Palingstraat 30),
Arnoldus Jacobus 19 jaar Kelner en Marktkramer.
Tweede Huwelijk
Op 12 oktober 1921 trouwt Franciscus
Thomas, die dan 46 jaar oud is in Tilburg met Paulina Petronella
Bastings, 31 jaar oud.
Ze was de jongste dochter van Charles
Bastings, die als jongeman als Zouaaf vocht in Italie om de Paus te
helpen zich te verdedigen tegen de troepen van Garibaldi.
Charel Bastings in zijn Zouaven uniform
De familie Bastings. Op de achterste rij met knot Paulina
Getuigen van de huwelijkssluiting waren
Johannes Cornelis Heerkens, oud vijftig jaren, bankwerker, wonende
alhier, zwager der echtgenoote,
Petrus Paschalis Paschasius Bastings,
oud vier en veertig jaren, voerman, wonende te Eindhoven, broeder der
echtgenoote.
17 september 1922 werd hen een zoontje geboren: Carolus Petrus Cornelis
Op 1e kerstdag 25 december 1932 stierf mijn grootvader, 57 jaar oud.