maandag 13 juli 2015

Wat weet ik nu helemaal van mijn grootvader ?





 Franciscus Thomas van der Sommen (1875 - 1932)

1. Geboren
Franciscus Thomas (Cis) van der Sommen werd geboren in Eindhoven op 8 mei 1875 als zoon van Carolus van der Sommen, borstelfabrikant te Eindhoven en Maria Agnes Smits.
Zijn ouders waren toen al negen jaar getrouwd en hadden toen al drie dochters:
Wilhelmina Jacoba, Elisabeth Francisca en Huberdina Catharina.

De geboorteakte luidt als volgt:

In het jaar een duizend achthonderd vijf en zeventig, den tienden Mei is voor ons Ambtenaar van den burgerlijken stand der gemeente Eindhoven, in het huis der gemeente, verschenen: Carolus van der Sommen, oud veertig jaren borstelmaker wonende te Eindhoven, die in tegenwoordigheid van twee getuigen als van Willem Dings, oud drie en zestig jaren tuinman en van Jan Feyen oud veertig jaren koperslager beide wonende binnen deze gemeente, ons heeft verklaard dat Maria Agnes Smits, oud zes en dertig jaren zonder beroep, wonende te Eindhoven, alhier is bevallen van een kind van het mannelijk geslacht, geboren op den achtsten dezes om half tien ure des avonds welk kind zal genaamd worden Franciscus Thomas.

van welke verklaring wij de tegenwoordige akte hebben opgemaakt, die, na de voorlezing is ondertekend door ons, de comparant en de getuigen.

Tien jaar bij oom Thomas

 

Volgens Ireen van Engelen werd Franciscus Thomas van 1880 tot 1890 als pleegkind bij oom Thomas van der Sommen ondergebracht, de oprichter van borstelfabriek van der Sommen op de Demer in Eindhoven.
Bij de volkstelling van 1890 was hij ingeschreven op het adres van zijn ouders: De snoepwinkel op de Markt.
In oktober het jaar daarop, 1891, stierf zijn vader Carolus op 56 jarige leeftijd.

25 augustus 1895 brak er brand uit in het pand van zijn moeder:
Het volgende bericht verscheen in de Zuid-Willemsvaart:

EINDHOVEN. 25-08-1895
omstreeks 6 uur brak alhier een felle brand uit ten huize van de wed. van
der Sommen, in suikerwerken. Spoedig werd ook het belendende pak-
huis, waarin koloniale waren werden geborgen, van den heer Vlijminx,
aangetast. Bedoeld pakhuis is evenals het eerst aangetaste perceel totaal
uitgebrand. Door het flink optreden der brandweer zijn de belendende
huizen gespaard gebleven. Oorzaak onbekend.
Woensdag-middag ontstond te Eindhoven brand in de bergplaats van de Weduwe
Van der Sommen , zoodat bijna alles wat daarin geborgen was een prooi der vlammen werd.
Door het krachtig optreden van de brandweer mocht men er in slagen, het aangrenzende pakhuis van den heer Vlijminx dat reeds vuur gevat had te be-
houden. Oorzaak onbekend. Alles was verzekerd.

Militaire Dienst


27 juni 1895, toen hij twintig was, tekende Franciscus vrijwillig een zesjarig contract om als soldaat te dienen. Zijn bewijs van ontslag omschrijft hem als 1,67 m lang, aangezicht ovaal, voorhoofd gewoon, oogen blauw, neus gewoon, mond klein, kin rond, haar blond, wenkbrauwen idem, merkbare tekenen: wonden linker onderarm.

Hij diende bij het 4e bataljon 2e Regiment Infanterie.

Staat van Dienst: Den 27 Juni 1895 vrijwillige geëngageerd als Soldaat voor zes jaren met f 60,- premie, Is ingeschreven voor de militie in 1894 voor de lichting van 1895 voor de gemeente Eindhoven/ Noord braband /onderd: 10. Elevenmuzikant mei 1897, Soldaat den 24 Augustus 1899.
Den 26 juni 1901 met paspoort wegens dienstbeëindiging. Het bewijs goed gedrag afgegeven.
Te 's-Hertogenbosch den 26 Juni 1901. De Majoor.


Eleven muzikant bij het 4e bataljon 2e Regiment Infanterie

Ik vroeg me af wat bovenstaande rang eigenlijk inhield en kreeg via google de volgende uitleg:

Een "élève-muzikant" in het 4e bataljon, 2e regiment infanterie rond 1900 was een jonge militair in opleiding tot muzikant, die deel uitmaakte van de regimentskapel of het tamboerkorps. Het was een functie waarin militaire dienst werd gecombineerd met een muziekopleiding. 

Taken en rol

De voornaamste taken en rol van uw grootvader hielden in:

  • Opleiding: Hij volgde een formele muziekopleiding binnen het leger om een bekwaam militair muzikant te worden. Dit omvatte waarschijnlijk zowel theorie- als praktijklessen op een specifiek instrument.

  • Muzikale prestaties: Als onderdeel van het muziekkorps van het regiment verzorgde hij muziek tijdens militaire ceremonies, parades, marsen en andere officiële gelegenheden. Militaire muziek speelde een belangrijke rol bij het moreel van de troepen en de uitstraling van de krijgsmacht.

  • Openbare concerten: Naast militaire taken gaven de muziekkorpsen ook regelmatig openbare concerten voor de burgerbevolking, wat bijdroeg aan de band tussen het leger en de maatschappij.

  • Militaire rang: Hoewel de focus op muziek lag, had hij de status van militair en viel hij onder de militaire discipline en hiërarchie. De rang van élève-muzikant was waarschijnlijk vergelijkbaar met die van een soldaat of korporaal, maar dan met een specifieke muzikale specialisatie.

  • Dagelijkse dienst: Tussen de muzikale verplichtingen door nam hij waarschijnlijk ook deel aan algemene militaire taken en oefeningen die van een soldaat werden verwacht. 

Kortom, uw grootvader was een leerling-muzikant die een essentiële, zij het gespecialiseerde, rol speelde in het militaire leven en de ceremoniële aspecten van zijn regiment..

Daarna vroeg ik me af of er meer bekend was van deze muziekkapel van het 2e regiment. Google kwam met dit antwoord:

Het Muziekkorps van het 2e Regiment Infanterie (2RI) was een bekende militaire kapel in Nederland rond 1900, opgericht door Luitenant-Kolonel M. Rutgers van der Loeff en bestond uit soldaten die al muzikaal waren, en werd geleid door kapelmeesters zoals Christian Hörmann (1892-1906). Deze eenheid speelde een belangrijke rol in het garnizoensleven en was onderdeel van de traditie van regimentsmuziek, maar werd in 1906 opgeheven. 



Werk
Van wat Franciscus Thomas in het dagelijks leven uitvoerde is weinig bekend.
Uit de gegevens van de volkstelling van 1921 blijkt zijn beroep: Kraambouwer en Winkelier.
Mijn vader heeft me weleens verteld dat hij ook muzikant was en meespeelde bij harmonie Phileuthonia. Maar welk instrument hij bespeelde weet ik niet. 


Eerste Huwelijk

Franciscus Thomas trouwde op 24 augustus 1905 op dertig jarige leeftijd in Eindhoven met Theresia van den Boomen.
Getuigen bij de huwelijkssluiting waren:
Petrus Adrianus Roos, oud zes en dertig jaren koopman wonende te Eindhoven zwager van de echtgenoot,
Johannes Theodorus de Kok oud vijf en twintig jaren kleermaker wonende te Woensel zwager van de echtgenoot (getrouwd met zus Catharina Arnolda)
Johannes Cornelis Dingen oud drie en dertig jaren wonende te Woensel zwager van de echtgenoot (getrouwd met zus Elisabeth Francisca) en
Hendrikus van der Beek oud drie en dertig jaren agent van politie wonende te Eindhoven.

Theresia was toen zeven en dertig jaar oud, en bijna twee jaar weduwe van de op 2 juli 1903 overleden Gerardus Rovers. Gerard was toen slechts vijf en dertig jaar oud, en liet Theresia achter met vier kleine kinderen.
Zo heeft de vrijgezelle Cis van der Sommen vanaf zijn de trouwdag ineens een gezin met vrouw en vier kinderen. Maria 9 jaar, Elisabeth 7 jaar, Christina 4 jaar en Arnoldus 3 jaar.

Ze kregen samen nog twee kinderen, Philomena Maria en Philomena Huberdina, waarvan Philomena Maria iets meer dan een jaar werd, en Philomena Huberdina slechts 8 maanden leefde.
Trees sterft op 26 maart 1920 en Cis blijft achter met de vier stiefkinderen.
Bij de volkstelling van 1921 bestaat het gezin dat op adres Groote berg 49 woont, behalve uit vader Franciscus Thomas, te bestaan uit Maria Dimphina 27 jaar fabrieksarbeidster, Elisabeth Dimphina 23 jaar dienstbode (Later verhuisd naar Julianastraat 16 en nog later naar Hoefkesstraat 40 in Eindhoven), Christina Henrica 20 jaarfabrieksarbeidster Philips Proeffabriek (verhuisd naar Bosboomstraat 11, later Palingstraat 30), Arnoldus Jacobus 19 jaar Kelner en Marktkramer.

Tweede Huwelijk

Op 12 oktober 1921 trouwt Franciscus Thomas, die dan 46 jaar oud is in Tilburg met Paulina Petronella Bastings, 31 jaar oud.
Ze was de jongste dochter van Charles Bastings, die als jongeman als Zouaaf vocht in Italie om de Paus te helpen zich te verdedigen tegen de troepen van Garibaldi.


Charel Bastings in zijn Zouaven uniform

De familie Bastings. Op de achterste rij met knot Paulina

Getuigen van de huwelijkssluiting waren Johannes Cornelis Heerkens, oud vijftig jaren, bankwerker, wonende alhier, zwager der echtgenoote,
Petrus Paschalis Paschasius Bastings, oud vier en veertig jaren, voerman, wonende te Eindhoven, broeder der echtgenoote.


17 september 1922 werd hen een zoontje geboren: Carolus Petrus Cornelis


Op 1e kerstdag 25 december 1932 stierf mijn grootvader, 57 jaar oud.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten